Wie een horecazaak wil openen, krijgt vrijwel altijd te maken met meerdere vergunningen. Twee daarvan zorgen regelmatig voor verwarring: de exploitatievergunning en de drank- en horecavergunning. Hoewel ze vaak in één adem genoemd worden, zijn het verschillende documenten met elk een eigen doel en voorwaarden. In dit artikel leggen we het verschil duidelijk uit.
Wat is een exploitatievergunning?
De exploitatievergunning is de basis voor iedere horecazaak. Zonder deze vergunning mag je je zaak niet openen. Je vraagt de vergunning aan bij de gemeente, die beoordeelt of jouw onderneming past binnen de omgeving en geen risico vormt voor de openbare orde en veiligheid.
- Altijd verplicht voor iedere horecazaak
- Gemeente beoordeelt leefbaarheid, veiligheid en orde
- Vaak een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) nodig
- Leidinggevenden worden gescreend
Een exploitatievergunning zegt niets over het schenken van alcohol. Het gaat puur om de toestemming om een horecabedrijf op een bepaalde locatie te exploiteren. Meer hierover lees je in ons artikel Horeca starten: welke vergunningen heb je nodig?.
Wat is een drank- en horecavergunning?
Wil je alcohol schenken, dan heb je bovenop de exploitatievergunning ook een drank- en horecavergunning nodig. Deze vergunning wordt eveneens door de gemeente verstrekt, maar valt onder de regels van de Alcoholwet.
- Verplicht bij verkoop van alcohol (zowel zwak als sterk)
- Er moet altijd een leidinggevende aanwezig zijn van 21+ jaar
- Diploma Sociale Hygiëne is verplicht
- Vergunning gekoppeld aan zowel locatie als leidinggevenden
Met een drank- en horecavergunning toon je aan dat je voldoet aan de wettelijke eisen rond alcoholverkoop. Bij een controle wordt hier specifiek op gelet. Zie ook Wat gebeurt er bij een controle op jouw horecavergunning?.
Wat is het verschil?
Hoewel beide vergunningen verplicht zijn, ligt het verschil in het doel:
- Exploitatievergunning → toestemming om een horecazaak te voeren op een specifieke locatie.
- Drank- en horecavergunning → toestemming om alcohol te verkopen binnen die exploitatie.
Met alleen een exploitatievergunning mag je dus géén alcohol schenken. En met alleen een drank- en horecavergunning kun je geen zaak openen zonder exploitatievergunning. De documenten vullen elkaar aan en zijn in veel gevallen allebei nodig.
Waarom heb je beide nodig?
Vrijwel iedere horecaonderneming combineert beide vergunningen. Een café, restaurant of hotel heeft naast de exploitatievergunning ook een drank- en horecavergunning nodig om gasten volledig te bedienen. Alleen in uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld bij een alcoholvrij lunchcafé, kan worden volstaan met enkel de exploitatievergunning.
Heb je ook een terras? Dan komt daar nog een aparte vergunning bij. Lees meer in Wat is een terrasvergunning? en Terrasvergunning verlengen: zo pak je het slim aan.
Conclusie
Het verschil tussen een exploitatievergunning en een drank- en horecavergunning zit in de reikwijdte van de toestemming. De exploitatievergunning gaat over het runnen van een horecazaak, terwijl de drank- en horecavergunning nodig is om alcohol te schenken. Voor vrijwel alle horecaondernemers zijn beide vergunningen verplicht, vaak aangevuld met een terrasvergunning of omgevingsvergunning afhankelijk van de situatie.